Weinig mis met democratie in Californië

Gepubliceerd in: Financieele Dagblad, 23 augustus 2003

De recall-verkiezingen in Californië worden afgedaan als een klucht. Maar de zittende Democratische gouverneur Davis kan wel degelijk wanbeleid en kiezersbedrog verweten worden. De ‘recall’ vormt een bewijs van een vitale democratie.

door Arjen Nijeboer

De aanstaande recall-verkiezing over de Californische gouverneur Davis is de afgelopen weken betiteld als “een op hol geslagen directe democratie” (Volkskrant) en als “een circus” (NRC) en “een carnaval” (AD). Volgens velen is wederom het bewijs geleverd dat directe democratie naar de guillotine leidt. Dat beeld is echter zeer ongenuanceerd. De recall is gewoon één van de instrumenten om praktische invulling te geven aan het basisidee van democratie: volksheerschappij.

De ondertoon in de media was de afgelopen weken veelal als volgt: de verkiezingen waren nog haast niet over of de weinig cameragenieke, maar serieuze en ervaren gouverneur Gray Davis werd schietschijf van een anti-politieke meute die de pest in had over zaken waar Davis ook niets aan kon doen. Die meute presenteert zich als grass roots maar in feite zit Big Business erachter, met het werkelijke doel om de progressieve verworvenheden onder Davis terug te draaien. Een handjevol mensen kan zo’n recall al aanvragen. En ervoor in de plaats krijgen we clowns als Arnold Schwarzenegger en Larry Flint. Zo zie je maar weer waar directe democratie allemaal toe leidt.

Dat is een zeer gemakkelijk en eenzijdig beeld. Vijftien Amerikaanse deelstaten kennen, veelal al een eeuw lang, de recall-regeling. In al die tijd gebeurde het echter slechts één keer (in 1921 in North Dakota) dat een gouverneur daadwerkelijk tot aftreden gedwongen werd. Kennelijk is er dan ook wel echt wat aan de hand. Op lokaal niveau komt de recall vaker voor (36 deelstaten kennen de lokale recall), maar ook daar krijgt de politicus in de meeste gevallen steun van de meerderheid: raadsleden overleven in 70,8 procent de recall-stemming en burgemeesters in maar liefst 82,4 procent. Dit gegeven komt overeen met wat meestal uit onderzoeken naar de uitkomsten van directe democratie naar voren komt: meestal springen burgers vrij voorzichtig met hun rechten om.

De recall is in de Verenigde Staten veelal tegelijk met het referendum en het volksinitiatief ingevoerd in de periode 1900-1920, onder druk van de Progressives en de Populists die stelden dat verkiezingen alleen niet voldoende zijn om democratie te garanderen. Hoe kunnen we serieus over democratie praten – zeiden zij – als de elite weliswaar gekozen wordt maar na de verkiezingen hun oren weer laten hangen naar allerlei belangen behalve het volk? Via het referendum zouden burgers wetsvoorstellen zonder draagvlak kunnen tegenhouden, via het volksinitiatief zelf wetsvoorstellen ter stemming brengen en via de recall politici die zich zodanig misdragen hebben dat ze geen vertrouwen meer genieten, tussentijds vervangen.

Laten we het geval Davis eens bekijken. Het is niet zo dat Davis er nog maar net zat: hijtrad in 1998 aan. Als zodanig kreeg hij te maken met een forse en lang aanhoudende energiecrisis. Hij is van alle politieke zijden hevig bekritiseerd om de manier waarop hij die had aangepakt. Niettemin werd Davis in 2002 ternauwernood herkozen, waarbij zijn electoraat was afgekalfd van 4,9 naar 3,5 miljoen stemmen. Er speelden diverse factoren, maar één oorzaak was dat zijn Republikeinse opponent Bill Simon algemeen als zwak werd betiteld en dat Davis, die een reputatie heeft als doorgewinterde campaigner, maar liefst 70 miljoen dollar voor zijn campagne wist in te zamelen van grote ondernemingen. (Ook bij de recall staat Big Business weer merendeels achter Davis. De Los Angeles Chamber of Commerce en de California Business Roundtable, twee van de belangrijkste spreekbuizen van het Californische bedrijfsleven in Californië, hebben zich voor Davis uitgesproken.) Tijdens de verkiezingscampagne in november schilderde Davis een rooskleurig beeld van de financiële situatie van Californië, viel iedereen aan die over bezuinigen sprak en sloot belastingverhogingen categorisch uit. De verkiezingen waren echter nog niet over of Davis kondigde een recordtekort van 32 miljard dollar aan (meer dan het tekort van alle andere Amerikaanse staten samen, terwijl er 2 jaar geleden nog een fors overschot was) evenals een nieuw pakket belastingen ter waarde van 8 miljard dollar. Ofwel, Davis had gejokt. Dat was voor een grass roots beweging (pas later sprong Darrell Issa op de band wagon) om de voor een recall benodigde 900.000 handtekeningen in te zamelen – geen gering aantal op een geregistreerd electoraat van 15 miljoen.

Wie de argumentensectie op de website van het recall-comité (www.davisrecall.com) vergelijkt met die Davis’ tegencampagne (www.stoptherecall.com), ziet dat de voorstanders van de recall wel degelijk goede argumenten hebben. Davis geeft dat met zoveel woorden ook toe. Het eerste deel van de argumenten op www.stoptherecall.com gaat helemaal niet over Davis maar is een moddersmeeractie richting Darell Issa, de grootste financier van het recall-comité die geen gouverneurskandidaat is, en zodra na een hele tijd de inhoudelijke argumenten beginnen is de eerste: “You don’t have to like Davis to be against the recall”, gevolgd door rekenvoorbeelden wat met het geld gedaan had kunnen worden dat het houden van de recall kost.

Voor wat betreft de clowns: op de lijst van bijna 200 kandidaten voor de gouverneurspost staan inderdaad diverse types waar ik zelf nooit op zou stemmen. Maar hey, dit is Amerika. Zowel in het via referenda geregeerde Californïe als op het federale niveau dat geen enkele vorm van directe democratie kent – de Verenigde Staten zijn één van de vijf landen wereldwijd die nog nooit een nationaal referendum hielden – kan een acteur het hoogste ambt binnenslepen: zie Ronald Reagan. En ook het grote geld speelt in Amerika in het gehele politieke systeem een rol, zowel in het representatieve systeem als bij referenda. In Zwitserland, onderdeel van de Europese politieke cultuur, is dit vrijwel onbekend. Als Nederland de recall zou hebben, zou ze een zeer andere gedaante aannemen dan nu in Californië.

Zeker, bepaalde elementen van de Californische recall-regeling zijn zeer gebrekkig. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat Davis steun krijgt van 40% van de kiezers en dus moet vertrekken, maar zijn opvolger met 20% van de stemmen of minder tot gouverneur wordt verkozen. Dit omdat er vele kandidaten zijn met slechts één stemronde. Maar dat kan eenvoudig worden veranderd door, net zoals bij de Franse presidentsverkiezingen, meerdere rondes in te voegen zodat uiteindelijk steeds 2 kandidaten tegenover elkaar staan. Zoals in Frankrijk kan de tijd tussen de rondes beperkt blijven tot enkele weken, zodat er geen lange gouverneurloze periode ontstaat.

“Ik ben misschien ouderwets, maar ik kom uit de school die meent dat als een verkiezing voorbij is en iemand tot leider is gekozen, iedereen achter die leider gaat staan en hem vier jaar het volk laat leiden”, was Davis op de recall. Inderdaad: roepen dat wat jij zegt moet gebeuren omdat jij nu eenmaal de leider bent, is niet meer van deze tijd.